CONTACTALLERGIE VOOR COSMETICA

 

 

 

Inleiding

 

Cosmetische producten worden wereldwijd gebruikt voor de dagelijkse hygiëne en verzorging van het lichaam.  Regelmatig worden hierop dan ook nevenwerkingen gezien: op de eerste plaats irritatiereacties, maar ook contactallergische reacties, contacturticaria (= type I reactie), foto-sensibiliteit, pigmentatieveranderingen en acne (1, 2).

 

Verschillende factoren bepalen de frequentie van contactallergie op cosmetica zoals de populariteit van een product, de samenstelling, de applicatieplaats, de contacttijd, de frequentie van gebruik en cumulatieve effecten (3).

 

Identificatie van allergenen bij patiënten met een mogelijke contactallergie op cosmetica gebeurt via epicutane patchtests met de standaardreeks, specifieke testreeksen, eigen cosmetische producten en hun gekende of vermoede allergenen.  De resultaten van een studie in dit verband worden hier voorgesteld.

 

De doelstellingen waren de volgende:

 

-       de frequentie nagaan van contactallergie op cosmetica in een dermatologische populatie;

-       verschuivingen nagaan in de loop van de tijd;

-       een overzicht geven van de meest voorkomende cosmetica allergenen;

-       de relatie bepalen tussen de verschillende productcategorieën en hun allergiserende inhouds-stoffen.

 

 

Frequentie van contactallergie op cosmetica

 

Tussen 1991 en 1996 vertoonden 486 patiënten minstens 1 positieve patchtest op cosmetica relevante allergenen.  Dit is 12.7 % van de geteste populatie.  Hieruit blijkt dat in een dermatologisch geteste populatie cosmetica een relatief belangrijke oorzaak van contactallergie zijn.

 

 

Meest voorkomende cosmetica-allergenen

 

De meest voorkomende cosmetica-allergenen, teruggevonden in twee periodes (1985-1990 en 1991-1996) werden vergeleken voor wat de routine geteste substanties betreft (4).  Deze allergenen kunnen ingedeeld worden in 6 klassen: parfumcomponenten, bewaarmiddelen en anti-oxidantia, emulgatoren en excipiëntia, haarkleurstoffen, zonnefilters en 'actieve' of 'categorie-specifieke' bestanddelen.  Tabel 1 geeft een overzicht van het aandeel van elke klasse voor de periode 1991-1996 (zeer vergelijkbaar met de vorige periode).

 

Parfumcomponenten blijven veruit de belangrijkste cosmetica-allergenen.  De fragrance-mix blijft de beste screening voor een parfumallergie: hiermee worden 70 à 80 % van alle parfum-allergieën opgespoord.

 

De bewaarmiddelen en anti-oxidantia volgen op een tweede plaats.  Hoewel de meeste reacties gezien werden op methyl(chloro)isothiazolinone (= Kathon CG), is de frequentie van contact-allergie hierop ongeveer gehalveerd ten opzichte van de jaren '80.  Omwille van zijn gekend allergiserend vermogen, wordt het nu steeds meer vervangen door andere bewaarmiddelen, zoals parabenen, formaldehyde (waarvan het aantal positieve reacties duidelijk gestegen is) en dibromodicyanobutaan fenoxyethanol (= Euxyl K400).  Vooral op dit laatste bewaarmiddel worden nu in toenemende mate reacties gezien.

 

Het belang van emulgatoren en excipiëntia als allergeen neemt ook toe; een recent allergeen is cocamidopropylbetaïne (een tenside, vooral gebruikt in shampoos en reinigingsproducten).  Een 1 % waterige oplossing kan irritatie veroorzaken: daarom dient steeds de relevantie bepaald te worden, alsook, zo mogelijk, verdere verdunningen uitgetest te worden.

 

Opmerkelijk is de toename van het aantal contactallergieën op parafenyleendiamine (PPD) en andere oxidatieve haarkleurstoffen.  Dit is wellicht te wijten aan een toenemend gebruik van permanente haarkleuringen (volgens firmagegevens tussen 35 en 100 % de laatste 10 jaar).

 

De 'actieve' of 'categorie-specifieke' bestanddelen nemen als geheel een relatief klein aandeel voor hun rekening, maar voor bepaalde productcategorieën nemen zij een belangrijke plaats in.  Voorbeelden zijn tolueensulfonamide formaldehydehars (nagellak), glycerylmonothioglycolaat (haarpermanent-oplossingen) en ammoniumpersulfaat (haarbleekmiddel).

 

 

Relatie tussen cosmeticaproducten en cosmetica-allergenen

 

Cosmeticaproducten kunnen ingedeeld worden in verschillende categorieën:

 

-   Huidverzorgingsproducten: gelaat- en lichaamscrèmes, handcrèmes, beschermende lippen-staafjes, gezichtsmaskers en peelings, zonneproducten, zelfbruiners en epilatieproducten.

-   Parfums en toiletwaters.

-   Haarverzorgingsproducten: haarkleurstoffen, haarbleekmiddelen, permanentpreparaten, haarlak en -gel, conditioners en haarlotions.

-       Reinigingsproducten: zepen, bad- en douchepreparaten, shampoos, ontschminkingsproducten en anogenitale doekjes.

-       Deodorants en antiperspirantia.

-   Make-up: faciaal (blush, getinte crèmes, e.d.), ogen (oogschaduw, mascara, ...) en gekleurde lipsticks.

-       Scheerproducten: aftershaves, scheerschuim.

-       Nagelcosmetica: nagellak, kunstnagels, nagelverharders, nagellak remover.

 

Parfumcomponenten zijn de belangrijkste allergenen: als enige in parfums en toiletwaters, doch ook in deodorantia, antiperspirantia en scheerproducten.  In cosmetica zoals make-up en reinigingsproducten vormen bewaarmiddelen en emulgatoren de meest voorkomende oorzaken van contactallergie.  Dit geldt ook voor de huidverzorgingsproducten waarbij, wat de zonneproducten betreft, ook zonnefilters als cosmetica-allergenen belangrijk zijn.  Wat betreft de haarverzorgingsproducten, zijn het vooral de haarkleurstoffen die problemen veroorzaken, in mindere mate haarbleekmiddelen en permanentpreparaten.  In de categorie van de nagel-cosmetica zijn harsen (p-tolueensulfonamide formaldehyde hars en acrylaten) de oorzakelijke allergenen.

 

 

Besluit

 

Volgens de resultaten van deze studie komen contactallergische reacties op cosmetica voor in ongeveer 12 % van de dermatologische patiënten die onderzocht werden op contactallergie.  Parfumcomponenten komen als allergenen op de eerste plaats, gevolgd door bewaarmiddelen; de aard van deze laatste groep verandert in functie van hun gebruik.  Aan excipiëntia en vooral emulgatoren als mogelijk cosmetica-allergeen wordt meer aandacht besteed dan voorheen.  Haarkleurstoffen en andere haarkappersproducten zijn verantwoordelijk voor allergische reacties, zowel bij de klanten als bij de haarkappers.  De verklaring voor het lage aantal reacties op zonnefilters in deze populatie ligt wellicht in het feit dat contactallergie op zonnefilters vaak miskend wordt omdat de differentiële diagnose met een primaire zon-intolerantie niet altijd duidelijk is.  Ook 'actieve' of 'categorie-specifieke' bestanddelen kunnen aan de basis liggen van een cosmetica-allergie.  Het aandeel van elke klasse van allergenen varieert sterk naargelang de betreffende cosmeticaproducten.

 

 

Referenties

 

1.  Berne B, Lundin A, Enander Malmros P.  Side effects of cosmetics and toiletries in relation to use.  A retrospective study in a Swedish population.  Eur. J. Dermatol. 1994, 4:189-193.

2.  de Groot AC, Nater JP, Van der Lende R, Rycken B.  Adverse effects of cosmetics: a retrospective study in the general population.  Int. J. Cosm. Science 1987, 9:255-259.

3.  Dooms-Goossens A.  Contact allergy to cosmetics.  Cosmetics and toiletries 1993, 108:43-46.

4.  Dooms-Goossens A, Kerre S, Drieghe J et al.  Cosmetic products and their allergens.  Eur. J. Dermatol. 1992, 2:465-468.

5.  Frosch PJ, Burrows D, Camarasa JG et al.  Allergic reactions to a hairdressers' series: results from 9 European centers.  Contact Dermatitis 1993, 28:180-183.

 

 

Tabel 1:      Aandeel van elke klasse als oorzaak van contactallergie op cosmetica

 

Parfumcomponenten                                         46 %

Bewaarmiddelen en anti-oxidantia                     17 %

Emulgatoren en excipiëntia                                16 %

Haarkleurstoffen                                               13 %

Actieve of specifieke bestanddelen                     6 %

Zonnefilters                                                        3 %

 

Totaal                                                            100 %