De voornaamste ingrediënten van zepen en detergenten
vormen uiteraard de oppervlakte-actieve stoffen of tensiden. Men kan vier verschillende types
onderscheiden.
1. Anionische
tensiden: in waterige oplossing vormen ze een negatief geladen anion en het is
dit dat de algemene eigenschappen van het tenside bepaalt. De meest gebruikte zijn de alkylsulfaten en
de alkylethersulfaten. Ze kenmerken
zich vooral door een hoog schuimend vermogen.
2. Kationische
tensiden: hier worden de eigenschappen van het tenside bepaald door het kation
(dragen een positieve lading in waterige oplossing). Doorgaans zijn ze zeer substantief t.o.v. de huid en worden ze
vrij slecht verdragen (irriterend). Quaternaire
ammoniumverbindingen (bv. benzalkoniumchloride), geëthoxyleerde aminen, ... zijn
de meeste voorkomende middelen.
3. Niet-ionische tensiden: deze
vormen in waterige oplossing geen ionen.
Ze worden vooral gebruikt omwille van hun goede compatibiliteit met huid
en ogen, en omdat ze het irriterende effect van anionische tensiden
neutraliseren. Tot deze categorie
behoren de polymeren op basis van polyoxypropyleen en polyoxyethyleen,
alkanolamiden, amine-oxyden, polyglycolethers, de geëthoxyleerde alcoholen en
talrijke esters.
4. Amfotere tensiden: zij zijn
ofwel negatief ofwel positief geladen in oplossing, afhankelijk van de pH. Zij kunnen het potentieel irriterend effect
van alkylsulfaten en alkylether sulfaten reduceren. De meest voorkomende zijn de betaïnen.
- Het
parfum: dit heeft tot doel de basisgeur van grondstoffen te camoufleren en het
product een aantrekkelijke geur te geven.
- Anti-microbiële middelen
helpen voorkomen dat het product met microben of schimmels wordt besmet tijdens
de productie, bewaring of het gebruik.
- Viscositeitverhogende stoffen:
passen het product aan de toepassingsmethode aan of aan de verpakking. Tegenwoordig wordt vooral gebruik gemaakt
van synthetische stoffen zoals bentoniet, polyvinylpyrolydon, carbopol, cellulosederivaten,
...
- Sequestrerende substanties:
een kleine greep uit enkele mogelijke substanties geeft ons citroenzuur,
pyro-enpolyfosfaten, EDTA, ... Ze
voorkomen de vorming van onoplosbare calcium- en magnesiumzouten in hard water.
- Vette bestanddelen vertonen
als typische eigenschap het "milder" maken van zepen, nl. ze hebben
een verzachtend effect (bv. lanoline, cold cream, ...).
- Schuimcontrolerende agentia
worden toegevoegd om de schuimvorming te bevorderen of af te remmen. Schuimbevorderende stoffen zijn o.a. mono-
en diëthanolamides van C10-C16 vetzuren.
Als anti-schuimende bestanddelen kunnen o.a. niet-ionische tensiden
(zoals geëthoxyleerde vetalcoholen) en lange keten (C16-C22) vetzuren vermeld
worden.
- Kleurstoffen zoals tartrazine geel,
patent blauw, Ponceau rood, caroteen, ...
1. "Zeeploze" zepen:
zijn (meestal anionische) synthetische tensiden, zgn. "syndets",
waarvan de pH van de oplossing de fysiologische zuurtegraad van de huid (4 à 6)
benadert; ze worden niet beïnvloed door de hardheid van water, in tegenstelling
tot echte zepen.
2. "Echte" zepen:
deze worden gevormd door verzeping van vetten (bv. kokosvet) met logen; de pH
van de zeepoplossingen bedraagt 8 à 10.
3. "Overvette" verzachtende
zepen: bevatten bestanddelen zoals lanolinederivaten, vet-alcoholen enz., met
als doel een te sterke ontvetting van de huid tegen te gaan en een verzachtende
film op de huid achter te laten, ter herstel van de natuurlijke lipidenfilm,
welke deels verwijderd werd in het reinigingsproces.
4. Badschuimen: zijn
oplossingen van synthetische, meestal anionische, tensiden (bv.
laurylethersulfaten), waaraan eveneens overvettingsmiddelen worden toegevoegd
om uitdroging te voorkomen. Aan
amfotere tensiden wordt een "mildere" werking toegekend. Badschuim wordt echter best achterwege
gelaten bij personen met een droge huid.
5. Douchegels: zijn qua
samenstelling vergelijkbaar met badschuimen en shampoo's; alhoewel te vermijden
bij droge huid, zijn ze minder uitdrogend dan badschuim omdat de huid nog nagespoeld
wordt.
Alhoewel zepen en synthetische detergenten (syndets)
wereldwijd gebruikt worden in tal van producten, worden nadelige effecten ervan
weinig gerapporteerd. Indien ze
voorkomen, zijn irritatiereacties veel frequenter dan allergische reacties.
Irritatiereacties zijn te verklaren door het feit
dat reinigingsmiddelen niet alleen vuildeeltjes van de huid verwijderen, doch
ook diverse effecten op de hoornlaag uitoefenen, welke de barrièrefunctie van
de huid kunnen wijzigen en vaak een aaneenschakeling van pro-inflammatoire
mediatoren activeren. Dat laatste
verschijnsel is de voorbode van de zogenaamde
"huishoudstersdermatitis".
Bij personen met neiging tot een droge huid dient
gesteld te worden dat contact met zepen, detergenten, ontvettingsmiddelen en
(heet) water tot een minimum moet beperkt blijven.
Alhoewel de zgn. "zeeploze" zepen meestal
voorgesteld worden als zijnde "mild voor de huid" en "klinisch
of dermatologisch getest", is er volgens verschillende studies geen enkel
bewijs voorhanden als zouden "zeeploze" zepen steeds superieur zijn t.o.v.
de "echte" zepen. De
huidvriendelijkheid van zepen (en andere reinigingsmiddelen) is niet specifiek
afhankelijk van de pH. De
schadelijkheid hangt eerder af van het ontvettend vermogen van het
reinigingsmiddel. Alhoewel er tussen de
natuurlijke zepen en de syndets onderling een groot verschil bestaat,
veroorzaken echte zepen over het algemeen minder ontvetting en irritatie. Vandaar dat bij personen met huidaandoeningen
zoals eczeem, psoriasis, en bij personen met een droge of gevoelige huid,
aangeraden wordt "echte" zepen van vetten met langere vetzuurketens
of syndets op basis van isethionaten, die tot de meest
"huidvriendelijke" synthetische tensiden behoren, te gebruiken. Zelfs personen met een vette (acné) huid
dienen te sterk detergerende zepen te vermijden, aangezien een reactionele
hyperseborree in de hand kan gewerkt worden.
Verder kunnen bepaalde ingrediënten zelfs het verschijnen van comedonen
bevorderen.
Allergische en fotoallergische reacties daarentegen,
die het resultaat van immunologische sensibilisatie zijn, komen veel minder frequent
voor.
Alhoewel oppervlakte-actieve stoffen door bepaalde
auteurs als potentieel belangrijke contactallergenen werden aanzien, liggen deze
meestal niet aan de basis van een allergische (fotoallergische)
contactdermatitis. Het zijn
voornamelijk andere ingrediënten van zepen en detergenten die allergische reacties
veroorzaken, met name bewaarmiddelen, parfums, ... en in mindere mate
kleurstoffen, metaalzouten en vette bestanddelen.
Een interessant aspect is wel dat de
oppervlakte-actieve stof een additief effect zou kunnen uitoefenen, nl. door
het irritatie-effect kan zo gemakkelijker sensibilisatie voor andere inhoudsstoffen
veroorzaakt worden.